1 Samuel 22:5

10) Gad zeide tot David:

Deze profeet is veel bij David geweest, gelijk te zien is 2 Sam. 24:11; 1 Kron. 21:9; 2 Kron. 29:25, en elders.

2Sa 24.11 1Ch 21.9 2Ch 29.25

1 Samuel 23:1

1) boodschapte David,

Te weten, toen hij in het land Juda, in het woud Thereth was, boven, 1 Sam. 22:5. Hetgeen hier wordt beschreven, is geschied eer Abjathar tot David is komen vluchten en hem de droeve tijding bracht van den moord der priesters, onder 1 Sam. 23:6. Daarom zetten sommigen de eerste woorden van 1 Sam. 23:1 aldus over: David nu was geboodschapt.

1Sa 22.5 23.6,1

2) Kehila,

Deze stad lag in den stam van Juda, gelijk te zien is Joz. 15:44.

Jos 15.44

3) de schuren.

Of, dorsvloeren; dat is, de voorraad der vruchten, die in de schuren vergaderd was.

1 Samuel 23:6

10) het geschiedde,

Anders, het was geschied.

11) dat hij afkwam met den efod in zijn hand.

Dat is, toen hij haastelijk vluchtte, nam hij den efod mede in zijn hand, in welken de urim en thummim waren, door welke men den Heere vraagde, Exod. 28:30. Anders, dat de efod hem in zijn hand kwam.

Ex 28.30
Copyright information for DutKant