Exodus 6:2

2) als God

Hebreeuws, in God den almachtige; anders, met [den naam] God almachtig.

3) de Almachtige;

Dat is, die machtig is om goed te doen, en zijn beloften uit te voeren; Gen. 17:1.

Ge 17.1

4) met Mijn Naam HEERE ben Ik hun niet bekend geweest.

God de Heere wil hier zeggen dat deze zijn naam Jehovah, en hetgeen die naam betekent, tot nog toe hun zo wel niet bekend was, als het hun voortaan zou bekend gemaakt worden, door de dadelijke vervulling zijner beloften, bijzonderlijk van de mirakuleuze verlossing uit Egypte en invoering in het land van belofte. Overigens heeft God zich reeds lang v¢¢r dezen JEHOVA genoemd, en bij dezen naam zijn beloften verzekerd, gelijk te zien is Gen. 2:4,7,8,9, en Gen. 15:7, en Gen. 26:24, en Gen. 28:12, enz.

Ge 2.4,7,8,9 15.7 26.24 28.12
Copyright information for DutKant